![]() |
||||||
|
||||||
|
De Natuur Als Leerschool (NAL) passend in onderwijs Meedoen? Wilt u meedoen aan de Natuur als Leerschool? Geef u dan op bij oso@fontys.nl Twee deelnemers per school heeft de voorkeur.In Limburg start de opleiding in januari 2011 op lokale NME-centra. De opleiding wordt afgesloten met een Certificaat. Data in 2011 zijn: 26 en 27 januari (3 lessen te beginnen op woensdagmiddag 26 jan). 2 en 3 maart (3 lessen, te beginnen op woensdagmiddag 2 maart) Woensdagmiddag 6 april les 7 met intervisie. Woensdag 11 mei (les 8 met intervisiebijeenkomst: hele dag) Vrijdagmiddag 10 juni les 9 (laatste bijeenkomst) De locatie wordt bepaald op basis van de herkomst van de deelnemers.
De Natuur als leerschool passend in onderwijs ‘De Natuur als leerschool’ is ontwikkeld door Fontys Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg, Veldwerk Nederland, Stichting Duurzame PABO en Stichting Educatief Platteland. Tijdens de uitvoering wordt samengewerkt met lokale NME-centra.
De Natuur Als Leerschool (NAL) passend in onderwijs
Een korte opleiding voor leerkrachten over het gebruik van de buitenomgeving voor de ontwikkeling van alle kinderen.
De natuur brengt kinderen in beweging en in balans. Wetenschap en politiek onderschrijven het belang van de natuur als leerschool. Buiten bezig zijn heeft positieve effecten op concentratievermogen, persoonlijke ontwikkeling en het sociale gedrag. En natuuractiviteiten dragen bij aan waardering en zorg voor natuur en milieu. En daarmee aan een duurzame samenleving .
Passend onderwijs Passend onderwijs voor elk kind vraagt om een gevarieerd onderwijsaanbod. De natuur biedt een leeromgeving waarmee dit aanbod kan worden uitgebreid. In de opleiding ‘De Natuur Als Leerschool… passend in onderwijs’ leren leerkrachten om ‘buiten’ op een zodanige wijze in hun onderwijs in te zetten, dat ook kinderen met een speciale begeleidingsbehoefte (ontwikkelings-achterstanden, gedragsproblemen) aangesproken worden. Opleiding In de opleiding ‘De Natuur als leerschool’ staan visie op (inclusief en ervaringsgericht) onderwijs, praktische organisatie, didactiek en directie toepassing op de eigen werkplek centraal. Na een aantal lessen theorie, gegeven op centra voor Natuur- & Milieueducatie (NME), maken de deelnemers een plan voor hun eigen basisschool en voeren dit zoveel mogelijk uit. Daarbij worden ze zowel door de projectpartners als het locale NME-centrum begeleid. De opleiding bestaat uit 9 lessen van 3.5 uur, aangevuld met begeleiding in kleine groepen en per school. Aantal contacturen: 40. Studiebelasting: 210 uur. Programma Les 1: De mogelijkheden van natuur binnen passend onderwijs Les 2: Praktische organisatie van buitenwerk Les 3: Natuur als leerschool voor duurzame ontwikkeling Les 4: Buitenwerk en didactiek Les 5: Praktijkbezoek: educatieve boerderij Les 6: Praktijkbezoek: een groene basisschool Les 7: Ontwerpen voor de eigen praktijk Les 8: Observatie en registratie van het leerproces buiten Les 9: Presentatie en evaluatie gerealiseerde plannen op school Les 1 t/m 3 worden gecombineerd tot een tweedaagse evenals les 4 t/m 6. Vanaf les 7 aanvullende begeleiding in kleine groepen
Kosten Kosten voor de opleiding zijn € 1500,-- (9 lessen van 3.5 uur en aanvullende begeleiding in kleine groepen). Dit is inclusief een reader en koffie en thee. U kunt voor deze cursus de lerarenbeurs inzetten. Voor aanvragen: www.ibgroep.nl
Inhoud van het aanbod
Bijeenkomst 1 t/m 3 en 4 t/m 6 in de vorm van een tweedaagse:
1.
Kennismaken
met de natuur als leerschool in theorie en praktijk. Na een
natuurbelevingsoefening in de buitenlucht en het uitwisselen van
praktijkervaringen wordt ingegaan op de diversiteit aan belevings- en
leerdoelen die bereikt worden door kinderen naast de ‘binnen’-klas ook een
levende ‘buitenklas’ aan te bieden. Visies op onderwijs worden besproken.
2.
Recente
theorieën over het belang van natuur voor de cognitieve, sociale en fysieke
ontwikkeling van kinderen met en zonder speciale begeleidingsbehoeften
worden behandeld en er volgt discussie over het begrip zorg in relatie tot
mens en natuur, over duurzaamheid, over de huidige beroepspraktijk en wensen
voor de toekomst ten aanzien van natuur als leerschool.
3.
Het leren
herkennen van natuurlijke leeromgevingen in de praktijk en het leren
herkennen en gebruiken van deze omgevingen in het onderwijs. Aan de hand van
voorbeelden, inventarisatiekaarten en ondersteuning bij oefeningen in de
buitenomgeving wordt hieraan gewerkt. Aandacht voor praktische
voorbereidingen van een buitenles en ondersteuning door derden.
4.
Lessen in een
natuurlijke omgeving stellen andere eisen aan de didactiek.
Kwaliteitscriteria en didactische modellen komen aan de orde en worden
direct uitgeprobeerd in de bijeenkomst. 5. Praktijkbezoek aan een natuurlijke leeromgeving: de boerderij. Deelnemers beleven zelf de omgeving en voeren enkele werkzaamheden uit. Daarbij krijgen deelnemers informatie van zowel de boer als de pedagoog over de begeleiding van kinderen en de samenwerking tussen boerderij en school.
6.
Praktijkbezoek
aan een (duurzaam gebouwde en werkende) basisschool waar lessen zowel binnen
als buiten worden gegeven en waar gewerkt en gespeeld wordt in een moestuin,
boerderij, boomgaard en sloot. Hoe gaan zij om met passend onderwijs?
7.
Vanaf les 1 worden deelnemers
uitgenodigd een plan te ontwerpen voor de eigen school, om leerlingen meer
buiten te kunnen laten leren. Dit wordt nu gepresenteerd en besproken op
criteria waaronder de toegankelijkheid voor kinderen met een speciale
begeleidingsbehoefte.
Na afloop van bijeenkomst 7 krijgt elke
deelnemende school een persoonlijke begeleider die adviseert en ondersteunt
bij de uitwerking van het ontworpen plan.
8.
bijeenkomst 8 wordt deels
besteed aan het bespreken van de voortgang van de plannen van elke
deelnemende school, deels aan een nieuw onderwerp: evaluatie en
leerlingvolgsystemen. De vraag: wat wil je met je plan bereiken en op welke
manier(en) kun je nagaan of je je doelen bereikt, staat centraal. Hoe ga je
de leerlingen volgen? Deze les wordt op de schoollocatie van een van de
deelnemers gegeven, zodat de uitwerking van het opgestelde plan ter plaatse
besproken kan worden. 9. De deelnemers presenteren tijdens deze laatste les de voortgang van de plannen en leveren hun rapportage hierover in. Weer op locatie van een van de deelnemers. Daarnaast komt ondermeer de relatie planontwerp en passend onderwijs aan de orde. Is het plan daadwerkelijk een opstap naar passend onderwijs? Deze les vormt de afsluiting van de opleiding.
|
|
|||||